Orgaandonatie: geven om te leven om te geven

Sterk evoluerende chirurgische technieken en ondersteunende farmacotherapie zorgen ervoor dat transplantaties met meer succes worden uitgevoerd. Helaas is de vraag naar organen veel groter dan het aanbod. Zo zien we dat er nationaal in 2013, 721 patiënten op de wachtlijst stonden voor een niertransplantatie, terwijl slechts 437 patiënten getransplanteerd werden.

Om hieraan tegemoet te komen werd in 2006 vanuit het FOD het GIFT-project opgestart waaraan naast verschillende andere ziekenhuizen ook het AZ Sint-Jan Brugge-Oostende AV deelneemt. Het doel van dit project is het in kaart brengen van zoveel mogelijk gegevens omtrent orgaandonatie. Bij ieder overlijden van een patiënt op intensieve zorgen worden naast persoonsgegevens een reeks gegevens geregistreerd die een beeld geven waarom een patiënt niet in aanmerking komt voor orgaandonatie. Wanneer een patiënt daarentegen wel in aanmerking komt, worden gegevens ingevuld omtrent het type van orgaandonatie en het procesmatig gebeuren rond de donatie.

Ondanks dit stimulerend initiatief blijft het aantal donoren in België tussen de 250 tot 300, wat eerder laag is. Op de campus Sint-Jan waren er in 2011, 2012 en 2013 respectievelijk 12, 5 en 8 donoren. Op de campus Henri Serruys bedroeg dit respectievelijk 1, 1 en 2 donoren. Naast dit stimulerend initiatief vanuit het FOD, de sensibiliseringscampagnes (van onder meer de provincie West-Vlaanderen, zie logo bij deze tekst) rond donatie en de registratiemogelijkheid van wilsbeschikking of verzet worden nog andere maatregelen genomen om het aantal donoren te verhogen.

In tegenstelling tot wat velen denken is leeftijd geen belemmering om in aanmerking te komen voor donatie. Het begrip living-related orgaandonatie, waarbij 'oudere organen' getransplanteerd worden bij oudere personen is een middel om te komen tot meer transplantaties.

In tegenstelling tot vroeger, waar meestal enkel hersendode patiënten in aanmerking kwamen voor donatie (DBD donor of Donation after Brain Death) wordt meer en meer aandacht besteed aan DCD-donoren of Donation after Cardiac Death, en dit opnieuw om het aantal orgaandonoren te vermeerderen. Bij de DCD-donoren onderscheid men 4 categorieën (Maastricht classificatie).

Categorie 1 donoren zijn patiënten die thuis overleden zijn. Omdat men doorgaans niet weet hoe lang de patiënten reeds overleden zijn, komen deze overleden personen zelden in aanmerking voor orgaandonatie.

Categorie 2 donoren zijn die personen waarbij men een reanimatie start die na verloop niet succesvol blijkt te zijn. In principe komen deze patiënten in aanmerking voor orgaandonatie maar procedureel is dit vaak moeilijk te verwezenlijken. Denk hierbij aan de toestemmingsvraag tijdens de reanimatie.

Categorie 3 omvat de patiëntengroep met een ernstig neurologisch beeld, die echter niet voldoen aan de criteria voor hersendood. Het besluit om verdere therapie af te bouwen wordt genomen in afspraak tussen verschillende specialisten. Een therapie afbouw zal uiteindelijk resulteren in een hartstilstand. In tegenstelling tot categorie 2 is overleg met de familie omtrent orgaandonatie hier gemakkelijker te verwezenlijken.

Categorie 4 zijn hersendode patiënten met een plotselinge hartstilstand. Op de campus Sint-Jan werden in 2013 5 DCD-donoren categorie 3 gepreleveerd. Op campus Henri Serruys 1.


Eenmaal een patiënt in aanmerking komt voor donatie, en dit na overleg met de familie en de behandelende geneesheren, wordt de transplant coördinator verwittigd. Ons ziekenhuis werkt samen met 2 transplantatiecentra Gent en Leuven, die afwisselend de prelevatie komen uitvoeren. De transplant coördinator gaat na of de donor al dan niet geregistreerd is en verzamelt vervolgens alle gegevens omtrent de kwaliteit van de organen van de donor.

Eenmaal alle gegevens bij de transplant coördinator gekend zijn wordt via Eurotransplant gezocht naar de meest geschikte receptor. Deze receptor wordt onmiddellijk op de hoogte gebracht dat een orgaan beschikbaar is en wordt voorbereid op de transplantatie. Het wegnemen van de organen en het transplanteren van een orgaan gebeurt meestal binnen een tijdspanne van 24 uur.

Het geheel rond orgaandonatie gebeurt met bijzonder respect voor de wens van de donor en de familie. In de (moeilijke) periode voor de donatie wordt door het team van artsen, verpleegkundigen en andere ziekenhuismedewerkers dan ook bijzonder veel belang gehecht aan de begeleiding van de familie, en worden zij zoveel als mogelijk nauw betrokken bij het totale proces.

Dr. Marc Bourgeois

Geneesheer diensthoofd Intensieve Zorgen

Baudewijn Oosterlyck

Hoofdverpleegkundige Intensieve Zorgen

Campus Sint-Jan